Menu

Er óp of er ónder?

Overeenkomsten en verschillen tussen fictie en non-fictie in een aantal dicht bij elkaar liggende teksten uit de literatuur.

Er óp of er ónder?

Het was, vroeger, zo eenvoudig, op school: de letteren, fictie was bedacht en verzonnen, dat las je en daar werd aandacht aan besteed in de literatuurlessen. De non – fictie was waar, of niet, het beschreef de werkelijkheid en daar had je andere vakken voor zoals geschiedenis of maatschappijleer. Geldt die tweedeling nog steeds?

Non – fictie is vandaag de dag populair; denk bijvoorbeeld aan boeken van Geert Mak. NRC – literatuurcriticus Thomas de Veen stelt zichzelf de vraag of die populariteit ten koste zal gaan van het lezen van fictie. Nee, luidt zijn antwoord. De grote kracht van fictie is immers ‘dat er iets gevoeld mag worden bij dat wat verzonnen is. Dat Nep echt kan voelen.’  De fictie lijkt zich tegelijkertijd in hoge mate op te trekken aan het beschrijven van de werkelijkheid, zoals je dat in de non – fictie ziet. Denk bijvoorbeeld aan het succes van De Napolitaanse romans van Elena Ferrante.

Is er wel een verschil? En zo ja, kunnen we dat benoemen? Geert Mak zei daar eens het volgende over: ‘Ik kan óp de huid zitten van mensen, maar de roman komt ónder de huid.’ Zo’n uitspraak roept een aantal vragen op: Hoe gebeurt dat dan in de (non)- fictie? Zijn er overeenkomsten en verschillen waar te nemen tussen beide vormen, tussen ‘er óp en er ónder’? Kunnen we die in de vingers krijgen, om maar eens bij de beeldspraak van Geert Mak aan te sluiten? En: hoe zit dat dan met dat ‘gevoel’ in beide soorten van teksten?

Het is de moeite waard eens een aantal werken nader te bekijken. Teksten uit de non – fictie en fictie teksten die dicht bij elkaar liggen, min of meer over een zelfde onderwerp gaan. Wat denkt u van de volgende paren?

Geert Mak, De levens van Jan Six - Nelleke Noordervliet, Vrij man

Elisabeth Leijnse, Cécile en Elsa. Strijdbare freules - Erik Menkveld, Het grote zwijgen

Eveline Stoel, Asta’s ogen. De levenskracht van een Indische familie - Alfred Birney, De tolk van Java

In zes bijeenkomsten proberen we een antwoord te vinden op deze vragen.

  • Cursusnummer: 19V05
  • Vakgebied: Taal en letteren
  • Locatie: Tilburg
  • Seizoen: Voorjaar 2019
  • Dag: Dinsdag
  • Uiterste inschrijfdatum:
    26 februari 2019
  • Tijd: 10.45 – 12.30 uur
  • Cursusdata: 12-mrt, 19-mrt, 02-apr, 09-apr, 16-apr, 23-apr,
  • Prijs: € 191.00 6 colleges
  • Werkvorm: Hoor- en werkcollege
  • Literatuur:

    De docent deelt een papieren syllabus uit en stelt digitaal lesmateriaal beschikbaar via de website.

  • Opmerkingen:

    Reservedatum inhaalcollege 07-05

Joost Minnaard

Drs. Joost Minnaard heeft Nederlandse taal – en letterkunde gestudeerd aan de [Rijks] Universiteit Utrecht, met als afstudeerrichting Moderne Nederlandse letterkunde. Hij heeft letterkunde en jeugdliteratuur gedoceerd op de 1e en 2e graads lerarenopleidingen van Fontys Hogescholen en haar rechtsvoorgangers.  Heeft daarnaast Nederlands gegeven op een aantal hogescholen van Fontys Hogescholen, waaronder Fontys Hogeschool Kind en Educatie.

Hij heeft over literatuur geschreven, heeft vele auteurs geïnterviewd (nog steeds), begeleidt lees clubs en is al geruime tijd voorzitter van de Literaire Kring Goirle.