Menu

Leergang Architectuur deel 1

Leergang Architectuur deel 1
Architectuur
  • Cursusnummer: 20V04
  • Vakgebied: Kunst- en cultuur(geschiedenis)
  • Locatie: Tilburg
  • Seizoen: Voorjaar 2020
  • Dag: Dinsdag
  • Uiterste inschrijfdatum:
    28 Jan 2020
  • Tijd: 10.45 - 12.30 uur
  • Cursusdata: 28-jan , 04-feb , 11-feb , 18-feb , 03-mar , 10-mar , 17-mar , 24-mar , 31-mar , 07-apr
  • Prijs: € 283.00 (10 colleges inclusief lesmateriaal)
  • Werkvorm: Hoorcollege met mogelijkheid tot vragen/discussie
  • Literatuur:

    De docent stelt digitaal lesmateriaal beschikbaar.

  • Opmerkingen:

     (Reservedatum inhaalcollege 14 april) Deze cursus is de eerste van de nieuwe 5-delige leergang architectuur maar kan ook prima afzonderlijk worden gevolgd.

Leergang Architectuur deel 1

De Klassieke Oudheid

Aan het begin van het eerste millennium voor Chr. ontwikkelt zich de Griekse cultuur tot een homogene beschaving in west-Azië, op het Griekse vasteland, en westwaarts tot aan Sicilië en zuid-Italië. Hoewel er hier en daar ontleningen zijn aan de cultuur van Egypte en Mesopotamië ontstond er een Griekse architectuur met een eigen gezicht. Met name in de grote tempels verwezenlijken de Grieken hun denkbeelden over een ideale architectuur.

De Romeinen volgden aanvankelijk Etruskische en Griekse voorbeelden, maar vanaf de tweede eeuw voor Chr. ontstaan eigen bouwtypen met nieuwe ideeën, vormgeving en techniek. De constructie van gewelven - zoals tongewelven en koepels -, aquaducten en badgebouwen bezorgt de Romeinen de naam van ingenieurs van de architectuurgeschiedenis. Het gezicht van de steden wordt bepaald door tempels en basilica’s, thermen en theaters bij door zuilenhallen omgeven pleinen.

Middeleeuwen

Met het Edict van Milaan (313) garandeerde de romeinse keizer Constantijn de christenen vrijheid van godsdienst. Dit betekende een impuls voor de bouw van katholieke kerken (basiliek), waarvan de architectuur in de context van de laat-romeinse baksteenbouw moet worden gezien.

Karel de Grote maakte aanspraak op de erfenis van de romeinse keizers en zijn bouwmeesters oriënteerden zich dan ook op de romeinse en vroegchristelijke architectuur. Aan de eenvoudige opzet van de 4e-eeuwse katholieke kerken werden allerlei nieuwe elementen toegevoegd, zoals een tweede apsis, een westwerk, een crypte en torens.

Vanuit Neder-Saksen, de bakermat van de Ottoonse vorsten, kwam een impuls voor de bouwkunst, waarin de Karolingische vernieuwingen werden uitgewerkt. Vanaf de 11e eeuw ontstond er een grote welvaart in Europa. De belangrijkste opgave voor de romaanse bouwmeesters was de overwelving van de kerken, die door de snelle groei van het aantal gelovigen steeds groter werden.

College 1: Het klassieke Griekenland I: Archaïsche en Klassieke periode

College 2: Het klassieke Griekenland II: Hellenisme

College 3: Romeinse architectuur I: gewelfbouw

College 4: Romeinse architectuur II: typologie

College 5: Vroegchristelijke architectuur

College 6: Karolingische en Ottoonse bouwkunst

College 7: Romaanse periode I: Frankrijk

College 8: Romaanse periode II: Duitsland en Italië

College 9: Gotiek I: de gotische kathedraal

College 10: Gotiek II: de middeleeuwse stad

Joris van Sleeuwen

Drs. Joris van Sleeuwen is in 1991 als kunsthistoricus afgestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Voordien behaalde hij in 1982 aan de KU Nijmegen zijn doctoraal geschiedenis. Hij is gespecialiseerd in architectuurgeschiedenis. Vanaf 1987 is hij werkzaam in het volwassenenonderwijs en verzorgt hij HOVO-cursussen, lezingen en kunstreizen.

 

Uit eerdere evaluaties over deze docent:
"Een levendige docent die je meeneemt in zijn passie voor architectuur, kunst en geschiedenis. Hij vertelt echt een verhaal. De stof die hij als pdf aanbiedt, is een verdieping op wat hij verteld heeft. Heerlijk! Dat is college geven".