Menu

Leergang Architectuur, deel 2

Renaissance en Barok

Leergang Architectuur, deel 2
Architectuur
  • Cursusnummer: 20N06
  • Vakgebied: Kunst- en cultuur(geschiedenis)
  • Locatie: Tilburg
  • Seizoen: Najaar 2020
  • Dag: Dinsdag
  • Uiterste inschrijfdatum:
    28 Sep 2020
  • Tijd: 10.45 – 12.30 uur
  • Cursusdata: 29-sep , 06-oct , 13-oct , 27-oct , 03-nov , 10-nov , 17-nov , 24-nov , 01-dec , 08-dec
  • Prijs: € 283 (10 colleges inclusief lesmateriaal)
  • Werkvorm: Hoorcollege met mogelijkheid tot vragen/discussie
  • Literatuur:

    De docent stelt digitaal lesmateriaal beschikbaar.

  • Opmerkingen:

    Reservedatum inhaalcollege 15-12

Leergang Architectuur, deel 2

In Italië werden vanaf het begin van de 15e eeuw de algemene voorwaarden voor de Renaissance gecreëerd. Vasari toonde zijn afkeer van de middeleeuwse architectuur door haar als barbaars te omschrijven (stilo gotico). De tien boeken van de romein Vitruvius, De Architectura, werden de bijbel van de bouwmeesters uit de Renaissance. Tempels, zuilen en kapitelen werden opgemeten en vergeleken met de proporties van het menselijk lichaam om de veronderstelde natuurlijke moduul vast te stellen. De klassieke vormentaal en proportionele stelsels werden toegepast op de nieuwe bouwopgaven (kerken en villa’s) van de 15e en 16e eeuw.  

Het ideaal van de architectuurtheorie was de centraalbouw met koepel (rond of achthoekig), omdat hiermee een volledige harmonie bereikt kon worden. Deze vernieuwingen zijn te volgen in de ontwerpen van Brunelleschi, Bramante en Michelangelo. Na 1530 varieerden de maniëristen (G. Romano) op de klassieke wetmatigheid. Palladio ontwikkelde rond 1550 een uniek classicisme voor met name buitenhuizen, dat zeer in trek was bij de Venetiaanse elite. 

Karakteristiek voor de architectuur van de barok is de vermenging van de diverse kunstdisciplines, die samen leiden tot het gesamtkunstwerk. De toeschouwer staat centraal, wiens oog verward wordt door de rijkdom aan architectuur en beeldende kunsten. Het is de architectuur van de illusie, die wordt bewerkstelligd met alle mogelijke middelen van perspectief, kleur en licht.  

De bakermat van de barok ligt in Rome en van hieruit verspreidt het zich snel naar Spanje, Portugal, Midden-Europa en de zuidelijke Nederlanden. Parallel in tijd groeit in Frankrijk, Engeland, de noordelijke Nederlanden en Scandinavië een andere opvatting over bouwen, die nog sterk wortelt in het classicisme van Palladio en Scamozzi.  

De meer joyeuze Italiaanse barok wordt in deze landen vertaald naar een strengere en statische architectuur met nadruk op eenvoud en symmetrie. In Engeland is in de 18e eeuw sprake van een heuse Palladian Movement. Hoogtepunt van dit classicisme in de noordelijke Nederlanden is het stadhuis in Amsterdam van Jacob van Campen (ca. 1650). In de loop van de 18e eeuw ontstaat als alternatief voor de zware en pompeuze barok een elegante en verfijnde (interieur)stijl: de Rococo. 
 

Joris van Sleeuwen

Drs. Joris van Sleeuwen is in 1991 als kunsthistoricus afgestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Voordien behaalde hij in 1982 aan de KU Nijmegen zijn doctoraal geschiedenis. Hij is gespecialiseerd in architectuurgeschiedenis. Vanaf 1987 is hij werkzaam in het volwassenenonderwijs en verzorgt hij HOVO-cursussen, lezingen en kunstreizen.

 

Uit eerdere evaluaties over deze docent:
"Een levendige docent die je meeneemt in zijn passie voor architectuur, kunst en geschiedenis. Hij vertelt echt een verhaal. De stof die hij als pdf aanbiedt, is een verdieping op wat hij verteld heeft. Heerlijk! Dat is college geven".